Ga naar hoofdinhoud

4.4 Afbeeldingen en objecten

InDesign biedt verschillende manieren om afbeeldingen en objecten in je document te plaatsen en te beheren. Hieronder beschrijven we de belangrijkste methoden en technieken.

Afbeeldingen plaatsen​

Afbeelding importeren​

  1. Ga naar Bestand > Plaatsen of gebruik de sneltoets Ctrl + D.
  2. Blader naar de afbeelding die je wilt importeren en selecteer deze.
  3. Klik in je document om de afbeelding te plaatsen of klik en sleep om de grootte van de afbeelding te bepalen.

Afbeelding via de Gereedschapsbalk​

  1. Selecteer het Rechthoek-kadergereedschap (F) in de gereedschapsbalk.
  2. Klik en sleep om een kader te maken op de gewenste plek in je document.
  3. Ga naar Bestand > Plaatsen en selecteer de afbeelding. De afbeelding wordt in het kader geplaatst.

Objecten toevoegen en bewerken​

Basisvormen maken​

  1. Selecteer een vormgereedschap in de gereedschapsbalk, zoals het Rechthoek-gereedschap (M), Ellips-gereedschap (L) of Veelhoek-gereedschap.
  2. Klik en sleep om de vorm te maken op de gewenste plek in je document.

Objecten verplaatsen en schalen​

  1. Selecteer het object met het Selectiegereedschap (V).
  2. Om het object te verplaatsen, klik en sleep het naar de gewenste locatie.
  3. Om het object te schalen, gebruik de hoek- of zijhandvatten terwijl je de Shift-toets ingedrukt houdt om de proporties te behouden.

Afbeeldingen en objecten beheren​

Objecten groeperen​

  1. Selecteer meerdere objecten door Shift ingedrukt te houden terwijl je op de objecten klikt.
  2. Ga naar Object > Groeperen of gebruik de sneltoets Ctrl + G.

Objecten uitlijnen​

  1. Selecteer de objecten die je wilt uitlijnen.
  2. Gebruik de uitlijningsopties in de Eigenschappen-paneel of ga naar Venster > Object en lay-out > Uitlijnen.

Met deze methoden kun je eenvoudig afbeeldingen en objecten in je InDesign-document plaatsen, bewerken en beheren.